In een wereld op maat van extraverten breekt schrijfster Ellen Jansegers een lans voor de introvert: zij die graag in stilte de wereld overschouwen, maar niet altijd weten hoe daar gehoor aan te geven. ‘Mijn lief noemt me graag sociaal geconstipeerd.’
Uit De Morgen – tekst door Lotte Beckers en Paul Notelteirs
“Ik hoop dat introverte mensen zich door dit boek wat minder eenzaam voelen, en dat extraverten ons minder snel arrogant vinden”, vertelt Stijn Baert, de bekende economieprofessor (UGent) die zich in Zwijgen is goud uit als een ware introvert.
Uit zijn wens leiden we af dat die inborst niet altijd een cadeau is. “Ja, ik heb er soms wat moeite mee. Ik ben iemand die impact wil hebben, en daarvoor een publiek opzoekt via de media. Maar dan komen mensen mij ergens tegen en dan blijk ik nogal gesloten en afstandelijk te zijn. Ik vind mezelf niet arrogant, maar ik word zo wel misbegrepen.”
Net daar is het Ellen Jansegers om te doen: in een wereld op maat van extraverten meer begrip kweken voor zij die anders functioneren. “Ik heb mezelf lang niet als introvert beschouwd omdat ik me niet herkende in de clichés: we zouden verlegen zijn of geen nood hebben aan sociale contacten. Dat klopt helemaal niet, alleen kost het ons allemaal wat meer energie.”
Grosso modo is een derde van alle mensen introvert, nog een derde extravert en hangt de rest daar wat tussenin. Jansegers: “We onderschatten hoeveel mensen dat zijn, omdat ze nogal onzichtbaar zijn.” Dat komt omdat iedereen moet meedraaien in een wereld geschoeid op een extraverte leest: zo berekende Truity Psychometrics, een Amerikaanse ontwikkelaar van persoonlijkheids- en carrièretests, dat eerder extraverte mensen in de VS gemiddeld 49.300 euro per jaar verdienen, terwijl introverten het moeten stellen met 37.600 euro: wie assertief is, goed kan netwerken, graag het hoge woord voert op vergaderingen en zelfverzekerd ideeën spuit op brainstorms, maakt immers meer kans op promoties.
Op school ben je dan weer flink als je in de klas je vinger opsteekt, veel vriendjes hebt op de speelplaats en vlot meewerkt bij groepsopdrachten. En op sociale media scrollen we langs foto’s van wilde avondjes uit, terwijl we op televisie bekendheden zien die ad rem de show stelen. “Onze schreeuwerige maatschappij beloont het extraverte ideaal: we kijken op naar mensen die naar buiten treden”, zegt Jansegers. “Daardoor voelen introverte mensen zich soms eenzaam, omdat ze niet aan de norm voldoen.” Ze worstelen met het gevoel anders te zijn maar herkennen zichzelf evenmin in de clichés van de teruggetrokken of asociale muurbloempjes.
Nochtans was het ooit anders. “In de negentiende eeuw golden idealen als sérieux, discipline en deugdzaamheid. Mensen woonden in dorpen waar iedereen elkaar kende en reputaties belangrijk waren”, vertelt Jansegers. De industriële revolutie schudde die normen door elkaar. Mensen trokken naar de meer anonieme steden, waar ze moesten opvallen om hogerop te komen.
En met de ontwikkeling van allerlei nieuwe producten zoals de telefoon of ijskasten, werden ook de verkopers geboren die al die nieuwigheden aan de man moesten brengen, en met hen charismatische mannen en vrouwen in advertenties en reclamefilmpjes “Daar is onze huidige persoonlijkheidscultuur ontstaan”, zegt Jansegers.
BATTERIJEN OPLADEN
Maar daar staan ze dan, de introverten die diepgaande conversaties verkiezen boven smalltalk, die niet graag multitasken maar zich wel goed kunnen concentreren, die houden van stilte en tijd alleen, en na feestje of bijeenkomst uitgeput naar huis gaan (ook al hebben ze zich prima vermaakt). Vaak hebben ze ook wat meer tijd nodig om hun gedachten te ordenen en kunnen ze goed luisteren.
Essentieel is ook de vraag: waar krijg je energie van? Terwijl de extravert de batterijen oplaadt door… Lees het artikel op de website van De Morgen


